Bronnen
Algemene volkstelling
Periode
1801-2001
Bewaarplaats
Gedurende de 19e en 20e eeuw organiseerde de nationale overheid algemene tellingen van de bevolking waarvan de schriftelijke neerslag in drie soorten documenten te vinden is:
- De bevolkingsregisters. De tijdens de volkstellingen verzamelde persoonsgegevens werden vanaf 1830 systematisch opgetekend in deze registers, die doorgaans in archieven of administratieve diensten van gemeenten worden bewaard.
- De originele telformulieren waarop de individuele gegevens van alle inwoners werden opgetekend. De meeste van die formulieren werden vernietigd. In zeldzame gevallen zijn ze nog in gemeentelijke of provinciale archieven aan te treffen. Vanaf de volkstelling van 1961 zijn de persoonsgegevens op centraal niveau bewaard gebleven. Ze bevinden zich bij het Belgische statistiekbureau STATBEL.
- Samenvattende statistieken met inlichtingen over de samenstelling van de bevolking en de huisvesting. Deze statistieken werden vanaf 1846 na elke volkstelling in afzonderlijke boeken uitgegeven. Van deze boeken zijn scans raadpleegbaar op de website van STATBEL (onder “bevolking”).
Hoe raadplegen?
Alle bronnen zijn vrij raadpleegbaar, met uitzondering van de bevolkingsregisters jonger dan 120 jaar en de persoonsgegevens waarover STATBEL beschikt.
Gegevens
Ter ondersteuning van het beleid organiseerde de nationale overheid vanaf het begin van de 19e eeuw op geregelde tijdstippen tellingen van de bevolking. Van alle inwoners van het rijk werden een aantal basisinlichtingen verzameld en opgetekend, zoals de naam, de leeftijd, de burgerlijke staat, de geboorteplaats, het beroep en de gesproken taal.
Sinds 1800 gingen op het Belgische grondgebied 19 algemene volkstellingen door: in 1801, 1816, 1830, 1846, 1856, 1866, 1876, 1880, 1890, 1900, 1910, 1920, 1930, 1947, 1961, 1970, 1981, 1991 en 2001. De enquête van 1876 was een beknopte proeftelling. De telling uit 2001, die de benaming Socio-Economische Enquête kreeg, was de laatste in zijn soort. Vanaf 2011 worden alleen nog tellingen georganiseerd aan de hand van administratieve databanken, zonder bevraging van alle inwoners.
Let op
Ook vóór de 19de eeuw stelden plaatselijke overheden sporadisch lijsten op van inwoners van dorpen en gemeenten. Deze lijsten hadden echter niet zozeer tot doel om de inwoners te tellen, maar werden voornamelijk om fiscale redenen of voor de ordehandhaving opgesteld. Hoewel deze bronnen soms als tellingen (recensements of dénombrements) in de literatuur worden aangeduid, beschouwen we ze niet als volwaardige volkstellingen omdat ze meestal niet de volledige bevolking weergeven.
Tips
De statistieken die op basis van de volkstellingen werden opgesteld en uitgegeven, zijn een goudmijn voor wie zijn of haar voorouders in een ruimere context wil plaatsen. In deze bronnen vind je het aantal inwoners, huizen, de verdeling van de bevolking naar geslacht, leeftijd, onderricht, herkomst enz. Aan de hand van deze statistieken kan je de ontwikkeling van dorpen en gemeenten doorheen de tijd volgen.
Een selectie van statistieken afkomstig uit de volkstelling 1900 staan online.
-
Meer weten?
Een inleidend overzicht van de algemene volkstellingen en van de getelde persoonsgegevens vindt de lezer in de volgende bijdrage:
Vanhaute, Eric. ”Bevolking, arbeid, inkomen.” In: Jan Art (red.). Inleiding tot de lokale geschiedenis van de 19de en de 20ste eeuw. Gent, 2003, pp. 125-139.
Auteur: Sven Vrielinck