Overlijdensakte (burgerlijke stand)

Overlijdensakte
Overlijdensakte van Joanna van Hasselt uit Brasschaat, opgemaakt op 30 mei 1903. Rijksarchief Antwerpen.

Periode

Vanaf 1796 (invoering burgerlijke stand).

Bewaarplaats

Stads- of gemeentearchief voor recente akten; Rijksarchief voor oudere akten.

Raadplegen

Akten ouder dan 100 jaar zijn vrij raadpleegbaar via jaarlijkse of tienjaarlijkse tafels; voor akten jonger dan 100 jaar kan je een aanvraag indienen bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente waar de akte is opgemaakt.

Gegevens

Net zoals een geboorte of huwelijk, werd een overlijden vanaf 1796 geregistreerd door de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente waar de gebeurtenis plaatsgreep.

De overlijdensakte registreert de naam, voornamen, woonplaats, plaats en datum van geboorte van de overledene en hun (al dan niet overleden) partner. Je vindt er ook de naam, voornamen, geboortedatum en woonplaats van de getuigen in terug. Sommige overlijdensakten (zoals in het hier gebruikte voorbeeld) bevatten ook de naam, voornamen en woonplaats van de ouders van de overledene.

Let op

  • De aangiftedatum is niet noodzakelijk dezelfde als de overlijdensdatum. De aangifte moet wel binnen de 24 uur na het overlijden plaatsvinden.
  • Wanneer de plaats van overlijden verschilt van de woonplaats van de afgestorvene, is in beide gemeenten een overlijdensakte terug te vinden.
  • Levenloos geboren kinderen zijn enkel in de overlijdensregisters terug te vinden. Wanneer een kind 180 dagen gedragen wordt, moet het aangegeven worden bij de burgerlijke stand. De ambtenaar stelt dan een akte van vertoning op (geen overlijdensakte) die in het overlijdensregister wordt opgenomen. Tot 1997 kon geen naam aan het kind worden gegeven.
  • Oudere akten bevatten meestal leeftijden en geen geboortedata. Dat maakt het soms moeilijk om het geboortejaar te berekenen.
  • Bij een overlijden in een ziekenhuis heeft de directie aangifteplicht.
  • Na een gewelddadig overlijden wordt altijd eerst een proces-verbaal opgemaakt.
  • Wanneer het lichaam ontbreekt, wordt het overlijden pas na het vonnis in de overlijdensregisters ingeschreven.
  • Bij het overlijden van een onbekend persoon wordt steeds een afschrift van de akte aan de provinciegouverneur bezorgd.
  • Overlijdt een vreemdeling in België, dan wordt een uittreksel aan het Ministerie van Justitie bezorgd en wordt de overlijdensakte naar het land van herkomst opgestuurd.
  • Bij het overlijden van een lid van de adel of de Leopoldsorde wordt een afschrift aan het Ministerie van Buitenlandse Zaken overgemaakt.

Tips

  • Noteer zeker ook de getuigen. Die zeggen soms iets over het sociale netwerk van beide families. Hier trad naast de echtgenoot van Joanna Van Hasselt ook één van zijn collega-aardewerkers als getuige op.
  • Weet je niet in welke gemeente je overleden familielid woonde of overleden is, dan kan je dit eventueel via de huwelijksakten van hun kinderen traceren. Wanneer de ouders overleden zijn op het moment van het huwelijk, wordt deze informatie opgenomen.
  • Doodsoorzaken en de omstandigheden van het overlijden zijn niet terug te vinden in de overlijdensakte. Een uitzondering geldt sinds 1948 voor de vermelding 'Stierf voor België'. Vanaf 1851 werd in België de registratie van de doodsoorzaken bij wet verplicht. In de zogenaamde doodsoorzakenregisters hield elke gemeente een uitgebreid register bij waarin de naam, het beroep, de doodsoorzaak, de begraafplaats, de leeftijd en andere gegevens van de overledenen werd genoteerd. Hoewel vele doodsoorzakenregisters vernietigd werden in de 20ste eeuw, zijn er gemeenten zoals Antwerpen waar ze wel bewaard werden. In het kader van het project S.O.S. Antwerpen wordt daarvan een nationale inventaris opgesteld.

Welk verhaal heeft jouw familie te vertellen?

Ga op zoek naar jouw familiegeschiedenis aan de hand van ons stappenplan
en ontdek de spannende verhalen van jouw voorouders.

Download hier onze toolkit!